zaterdag 28 oktober 2017

Hachelijk


De vrolijke belevenissen van een handvol slotcarracers bij hun club Amazingslotcarracing.nl in Tweede Exloërmond op een 48 meter 4-sporenbaan van MDF.

Zojuist las ik het commentaar van Frank103 op mijn blog ‘Krachten’. Ik heb hem toegezegd dat mijn volgende project een spoorbaan betreft. Een soort Railaway, maar dan in het echt. Nu, nauwelijks 5 minuten later, heb ik een beetje spijt van die toezegging. Niet omdat dit project te moeilijk zou zijn of omdat treintjes mij helemaal niks zeggen, maar gewoon vanwege het simpele feit dat ik überhaupt niet van plan ben om ooit zo’n baan te bouwen. Dat heeft een achtergrond uit mijn jeugd.

In het katholieke Brabant had je net als in zoveel andere plaatsen in Nederland de roestige gewoonte van de benoeming van een peter en een meter. Ik heb me laten vertellen dat die vooral tot taak hadden te controleren of de ouders de snotaap in de wieg wel godsvruchtig en -vrezend op lieten groeien. 

Welaan, dat is bij mij volledig mislukt. Ik kreeg de Hompie’s toegewezen. Hem heb ik helemaal nooit gezien en zij bestond het om mij achttien jaar lang bij wijze van verjaarscadeautje een bosje fresia’s te geven, een zo godsgruwelijk pinnige actie dat mijn vader zich verplicht voelde de zure zuinigheid van zijn zus zesvoudig goed te maken met evenzovele cadeaus door het jaar heen. Op een dag zaten mijn vader en ik samen aan de eettafel. De geur van Keuls Water van de zojuist vertrokken tante Miesje hing nog in de lucht en tussen ons in stond een vaasje met 7 fresia’s. Zo oud was ik die dag geworden.

Nadat we ons eerst helemaal suf hadden gelachen, zei mij vader: “Het is toch bij de wilde spinnen af!”, en ik begreep uit deze uitdrukking dat er wat in de lucht hing. Enige tijd later gingen mijn ouders bij de Hompie’s op bezoek en naar het schijnt heeft mijn vader toen de fresia-kwestie aanhangig gemaakt. Hij deed dat in de keuken, buiten het gehoor van de andere gasten en naar het schijnt heeft hij toen zijn zus net zo lang met haar gezicht in de spoelbak geduwd tot zij beloofde dat mijn broer en ik de spoorbaan van haar zoons Hans en Harry, ook aangeduid met ‘de Hompies’, zouden krijgen. De grote overdracht zou plaats vinden als ik de plechtige communie zou doen. Hoewel ik op die leeftijd al helemaal klaar was met de RK Kerk, zegde ik mijn moeder toe braaf op de knietjes te gaan zitten om de duivel te verzaken, mits die vermaledijde trein na de feestmis in de kamer zou staan.

Inderdaad, die was er bij thuiskomst dus niet. Mijn vader heeft zijn zus toen gedreigd haar in de Maas te verzuipen en hij vloekte daarbij zo godsliederlijk dat tante Miesje ter plekke besloot, tot twaalf novenes (A novena - from Latin: novem, "nine" - is an ancient tradition of devotional praying in Christianity, consisting of private or public prayers repeated for nine successive days or weeks. During a novena, the devotees make petitions, implore favors, or obtain graces by worshiping Jesus Christ, and asking for intercessions of the Virgin Mary or the saints of the faith. Individuals may express love and honor by kneeling, burning candles or placing flowers before for the person represented by a statue) en zij richtte in de woonkamer een soort van altaar rond een gipsen beeld van de Heilige Anthonius op, want daar had ze wat mee.

Tegen de tijd dat ik zestien werd, was ik er geestelijk wel overheen, maar riep ik wel te pas en te onpas ‘Fuck the train’ waaruit mijn vrienden begrepen dat het heel diep zat. Onder dat trauma werd nog weer eens een hele dikke streep gezet door twee neefjes die daar in de buurt woonden, namelijk in Helmond. Hun vader was tandarts en dus onze tandarts. Wij spraken nooit anders over hen als ‘Hel Mond’; misschien wisten we niet eens dat zij Rooijackers heten.

Hoe het ook zij, tijdens een van de halfjaarlijkse bezoekjes, mijn moeder lag nog in de stoel te schreeuwen, werden mijn broer en ik mee naar boven getroond om de elektrische trein te bezichtigen. Ze hadden daar een aparte kamer voor en wat wij zagen was adembenemend. Tientallen treinen, huisjes, lampjes, spoorbomen, perrons en enorme rangeerterreinen. De broers drukten ergens op wat knoppen en alles begon te bewegen. Soms stopte een trein om een andere voor te laten. De oudste vertelde dat alles automatisch ging (dat vonden wij een beetje sloom) en dat alles beveiligd was (dat wilden wij wel eens zien).

Maar niks daarvan. Dat bleek geheim te zijn. Geheim!!, en er werd door de twee neefjes uiterst mysterieus geglimlacht. Mijn broer en ik stonden op en trokken de deur hard achter ons dicht. Halverwege de trap wisten we onafhankelijk van elkaar dat we hier een boek definitief dicht hadden geslagen. Fuck the train! Ofwel: Hachelijk*)!


*) Hachelijk is een uitdrukking die met treinen is verbonden. Wikipedia heeft hiervoor geen verklaring. De uitdrukking betekent zoveel als: Ik weet het ook niet meer, de trein valt niet te missen, liever een loc op de baan dan een vrouw in bed, iedere verjaardag is een nieuwe kans, er zijn meer treinen door de mens dan door God geschapen. Etc. 

zaterdag 21 oktober 2017

Opnieuw

De vrolijke belevenissen van een handvol slotcarracers bij hun club Amazingslotcarracing.nl in Tweede Exloërmond op een 48 meter 4-sporenbaan van MDF.

Dank voor alle felicitaties! Mijn vrouw was er vanochtend al vroeg bij: Je publiceert vandaag blog 156 lieverd, je bent drie jaar goedbezig! Ik moest erom lachen, want ze leest mijn blogs niet altijd. Terecht, want ze zou er een dagtaak aan hebben om alles te lezen wat ik schrijf. En het meeste is voor haar echt niet interessant. Het gaat vaak over hele onbegrijpelijke dingen, dus waarom zou je dat lezen?

Toen ik ermee begon, was dat vooral om de website van onze club een boost te geven. Je kunt kritiek hebben, maar het is beter om met wat positiefs te komen. U begrijpt: ik heb in het bedrijfsleven voldoende dagen op de hei doorgebracht met het opslurpen van allerlei nieuwe technieken en gedachten waarmee de productie omhoog en de kosten omlaag gaan. Die website is ondertussen ter ziele (Under Construction) en ik verwacht niet dat die nog ooit weer overeind wordt gezet.

Tegenwoordig hebben we Facebook. De leden zijn het meest actief op Amazing Slotracing Clubforum (besloten) en daarnaast hebben we nog Amazing Slotcar Racing, een FB-pagina die nog het meest doet denken aan een bejaardentehuis. Er gebeurt werkelijk helemaal niks op die pagina. Behalve dan de wekelijkse aankondiging van mijn blog. Maar om nou te zeggen dat dit een aansporing is, die kop van mij 18 keer achter elkaar?

In mijn kringetje zaten ze daar al helemaal niet op te wachten en men sprak dan ook hardop zijn twijfel uit of het haalbaar zou zijn om iedere week een blog over slotcarracen te publiceren. Dat gaat jou niet lukken!, hoorde ik om de haverklap. Ik zou niet weten waarom niet. Ik ben van de ouderwetse school (als je maar lang genoeg leeft, wordt iedere opleiding als vanzelf achterhaald) waarin je vooral ingepeperd kreeg dat schrijven gewoon buffelen is. Werk! Niet lollig! Aanpakken en aanpoten. Dat was wel juist want werken bij een krant was beduidend minder romantisch dan vaak wordt gedacht. Een chef die een waardeloos persbericht op je bureau gooit en zegt: Zes minuten! Dat was dan de tijd om te checken en te schrijven. Mijn docent zei altijd: Zes seconden is ook tijd waarin je iets kunt doen!

Sindsdien ken ik geen stress meer. Ik heb zo vaak bij iemand een persbericht op zijn desk gegooid met de toevoeging ‘Zes seconden!’ dat ik er niet meer warm of koud van word. Daarbij is dankzij al die moderne opleidingen waarin bijvoorbeeld leerlingen groep 6 Basisschool vooral moeten nadenken over de richting en de bedoeling van het onderwijs, de kunst van het spellen en correct schrijven een beetje naar de achtergrond gedrukt. Tel daarbij alweer een prostaatcommissie van Taalvernieuwers, aangesteld door een minister die zelfs het zetten van zijn handtekening heeft uitbesteed, die na maanden nadenken (sic!) opnieuw met een lijst van onzinnige veranderingen komt waar niemand een touw aan vast kan knopen. Gelijktijdig is dankzij Microsoft Word iedereen journalist, public relations medewerker, communicatiespecialist en/of tekstschrijver. Of wordt verondersteld dat te zijn.

Al die huppelkutjes die zo graag een swingende baan in de wereld van de media willen, komen van een koude kermis thuis als zijn hun eerste persbericht moeten schrijven en daarna een blaffende journalist aan de telefoon krijgen (23.15 uur) met de startmededeling wat hij in godsnaam aan moet met dat kutpersbericht?! “Mijnheer, weet u wel hoe laat het is?” Jawel trut en jouw naam staat eronder en ik ben aan het werk!

Ze willen dus vooral leuke bijeenkomsten organiseren en kletsen dan een hele middag weg over de vraag of er op het glaasje rose champagne bij binnenkomst een cerise moet of gewoon een kers?! Kijk, dat is communicatie! GTW! RTO! Uit diezelfde hoek komt ook de gevleugelde vraag: Schrijf jij dan een leuk verhaaltje? Dat is het niveau. Leuk verhaaltje; daarmee is het intellectuele denkvermogen wel afgebakend.

Mijn docenten maakten daar korte metten mee. Ze trainden ons op een barbaarse wijze in het snel, direct en krachtig formuleren van wat er aan de knikker was. Je tikte een persbericht. Zij gooiden het weg en brulden: Opnieuw! Na tien of twaalf keer riepen ze: “Ok, goed verhaal!”, zonder dat ze het gelezen hadden. Ging recht de krant in. De eerste nacht heb ik er niet van geslapen, bang dat er nog een foutje in zat. Deze blog heb ik in 25 minuten geschreven. Dat tempo hou ik nog wel een paar jaar vol! 

vrijdag 13 oktober 2017

Krachten


De vrolijke belevenissen van een handvol slotcarracers bij hun club Amazingslotcarracing.nl in Tweede Exloërmond op een 48 meter 4-sporenbaan van MDF.

Veel mensen die graag wat laatdunkend over slotcarracen doen, maken beslist één grote fout! Zij denken namelijk (en zij weten dit verrekte zeker) dat het rijden met een slotcar erg eenvoudig is omdat die niet uit de bocht vliegt dankzij de geleideschoen. Dat dit pertinente onzin is, is eenvoudig aantoonbaar: de auto’s vliegen zelfs bij zeer ervaren coureurs regelmatig uit het slot. Met geleideschoen en al! Ondertussen vraagt niemand van onze eigenwijze sceptici zich af hoe dat dan überhaupt mogelijk is. Nog minder vraagt men zich af waartoe die geleideschoen dan eigenlijk wel dient. De conclusie moet dan ook zijn dat iemand die een beetje spottend over slotcarracen praat om te beginnen heel erg dom is en ten tweede in de natuurkundeles vooral met de passer heeft zitten spelen.

Het antwoord op de vraag is echter simpel. Om te sturen! Niks meer, niks minder! De geleideschoen volgt het sleufje en daarmee volgt de slotcar de baan. Dit is overigens het enige aspect waarover de coureur geen zeggenschap heeft. Om duidelijk te maken dat deze theorie helemaal niet zo vreemd is, neem ik even een andere sport onder de loep. Waarom slaat een zeilboot niet om? Antwoord: omdat het schip is uitgerust met een kiel. Nee, nee, nee en nog eens nee! Dat is fout dus, helemaal fout, want er slaan regelmatig schepen om. De kiel biedt weliswaar de mogelijkheid om het zwaartepunt te verplaatsen, maar heeft als belangrijkste taak het schip vooruit te laten gaan. Wablief? Zonder kiel zou het schip namelijk dwars wegdrijven. En dat is niet de bedoeling.

De kiel van een zeilschip heeft exact dezelfde functie als de geleideschoen van een slotcar. Het gaat me echt te ver om hier van alles over het lateraalpunt, het zeilpunt, krachten, koppels, lij- en loefgierigheid te debiteren. Dan had u maar beter op moeten letten toen in de les Newton ter sprake kwam. Onthoud voor nu: romp en kiel staat tot geleideschoen en banden. Een stapje verder leert dat een kracht een tegenkracht oproept. Bij onbalans tussen die twee vliegt de slotcar uit de bocht. Maar net zoals de zeiler kan sturen met de zeilen (neem dit nu maar even aan), kan ook de echte slotcarracer sturen met zijn controller en dus de motor.

Wij naderen een scherpe bocht en onze snelheid is hoog. U roept angstig: veel te hoog! Nee, let op, vlak voor de bocht gaan wij rap van het gas en de wagen remt, hetgeen veroorzaakt wordt door een bewuste kortsluiting in de motor. Meteen daarna (en dit is heel belangrijk en daarom ontzettend moeilijk) geven wij heel agressief gas, waardoor er tussen de krachten enige onbalans ontstaat. Je kunt ook zeggen dat de banden die grap niet aan hadden zien komen. Ze slippen even weg voor zij weer grip vinden en dat is net voldoende om in samenwerking met de geleideschoen de auto bijna dwars weg te zetten. Wij noemen dat ook wel ‘schouder erveur’, wat vooral van toepassing is als de buurman in de naastgelegen track hierdoor uit de baan wordt getikt.

Als de hiervoor beschreven tactiek niet met uiterste precisie wordt uitgevoerd is het effect omgekeerd. Niet alleen de auto, maar ook de coureur gaat op zijn muil. Alleen heel veel oefenen brengt je tot dit ongelooflijke hoge niveau van slotcarracen.  Het bijna haaks omzetten van de racewagen met behulp van de handrem, in feite. De techniek is trouwens nog vrij nieuw, want in de tijd van het magneetracen, was dit natuurlijk helemaal niet mogelijk. Toen was het zelfs zo dat sommige auto’s zo heftig bemagneet waren dat zij aan de baan vastklikten. Vlogen zij dan desondanks uit de bocht (Ja, en dat gebeurde echt!) dan betrof het meestal meteen een fatale crash.

De onbalans tussen middenpuntvliedende kracht en magneet ontstond zo plotseling dat de auto als een veldkei werd gekatapulteerd en meestal gebeurde vrij dicht bij de muur. Zo heb ik een keer per ongeluk een Audi tegen de muur gedrukt die daar in het stucwerk bleef hangen alsof het een plat geslagen stuk kauwgum was. De afdruk van de ringen van het merk staan nog steeds als een fossiel in die muur.

Slotcarracen is gewoon heel erg moeilijk. Misschien nog wel moeilijker dan tennis, want dat kent nauwelijks bochten en het speelveld is altijd even groot. De vergelijking met golf is ook lastig, want bij die sport mag je net zo lang slaan totdat het balletje in het holletje ligt. Slotcarracen is wat dat betreft veel harder: je hebt pas gewonnen als je gewonnen hebt.

Best geniaal geformuleerd, Teun!   

zaterdag 7 oktober 2017

Slot Devil

De vrolijke belevenissen van een handvol slotcarracers bij hun club Amazingslotcarracing.nl in Tweede Exloërmond op een 48 meter 4-sporenbaan van MDF.

Sommige slotcarracers worden wel aangeduid met de term ‘tapijtracer’. Dat klinkt denigrerend en zo is het ook bedoeld. Want om een beetje op je knieën onder de tafel door te kruipen, omdat je autootje uit het bochtje is gevlogen, dáár raakt geen vrouw opgewonden van! Nee, allicht niet! Ik moest aan deze geradicaliseerde slotracers denken toen ik laatst mijn Mosler openschroefde. 

Die was beslist toe aan een onderhoudsbeurt, want in plaats van een stil zoemende machine leek het warempel wel een Nincoschuit. Toen de kap op de tafel viel, zag ik het meteen. Veel haren en menselijke resten rond de lagers en het achterasje. De tandwielen zagen er nog wel goed uit, maar ze lagen beslist niet meer zo mooi in lijn als ik ze indertijd had vastgezet toen ik de King verving door een Apache. Kennelijk was de kracht van de laatste zo orkanig dat zelfs de tandwielen niet op hun plaats bleven.

Vanwege het stof en alle katten- en hondenharen begon ik gezellig in mezelf te mopperen: Ze mogen daar te TE weleens wat vaker de stofzuiger hanteren! Dat homo-gedoe met een Swiffer is echt niet voldoende! “Ja”, zegt mijn vrouw dan wijsgerig, “daarmee lijkt het schoon, maar dat is het niet. Je veegt het stof en vuil gewoon een beetje in het rond!” Wie ben ik om haar tegen te spreken?

Omdat er bij ons (#Muska) ook weleens wat door de kamer dwarrelt, hebben mijn vrouw en ik een strak stofzuigregime opgezet, waarbinnen onze kinderen beslist niet worden ontzien. Sterker nog, een beetje kinderarbeid doet hen beseffen dat het de moeite waard is bij binnenkomst de schoenen te vegen. Desondanks ligt er af en toe een vlokje of een vliegje. Dood natuurlijk, maar toch! En toen ik zo dus gezellig aan mijn Mosler aan het prutsen was, bedacht ik hoe praktisch een robotstofzuiger zou kunnen zijn. 

Je sleutelt wat en ondertussen doet de elektromechanische knecht het werk. Meteen daarna kreeg ik een nog veel genialere inval: een robotstofzuiger als de Dirt Devil Spider kun je eenvoudig van een geleideschoen voorzien, waarna onze held in alle rust de tracks veegt. Dat kan een uurtje voor de raceavond zijn, maar natuurlijk net zo goed tijdens een pauze. Misschien, zo mijmerde ik, kan ik hem wel programmeren voor mijn Slot.It-regelaar zodat ik met gebruikmaking van modus 4, de snelheid van deze overmaatse slotcar zelf kan instellen.

Met mijn Mosler was het veel erger gesteld dan gedacht zodat ik de stofzuiger-philosophie even laat voor wat ie waard is. Misschien kunt u er zelf eens een gedachte over laten gaan, terwijl u rustig verder leest. Nadat ik al die zwarte katten uit mijn autootje had gejaagd, zag ik tot mijn niet geringe verbazing dat de onverwoestbare NSR-motormount van die onbekende triple world champion, helegaar in tweeën was gebroken. Precies onder de motoras. Vriend Good had daar enige tijd geleden ook mee te kampen en die was behoorlijk gepikeerd, dat kan ik u wel vertellen! Ik niet minder! Ninco-kwaliteit, kraste ik in mezelf en zocht de twee componentenlijm, uitvoering plastic. Enige minuten later had ik een leuk snothapje in het mengschaaltje en dat smeerde ik royaal op de breuklijn. Effe wuiven, effe geduld en muurvast. Beter dan het origineel.

De conclusie moet zijn dat die Apache zo ligt te bonken, dat het materiaal het begeeft. Want dit was beslist niet het gevolg van een simpele aanrijding of zo. Toen ik de motor weer vastklikte, besloot ik de motor met twee schroefjes vast te zetten, waarmee ik gelijktijdig voorkwam dat de gelijmde breuk het opnieuw zou begeven. Hoe slim! Nadat ik de tandwielen weer volgens de regels der kunst had vastgezet, liet ik de Mosler even een stukje rennen op mijn thuisbaan. Ja, hier kan ik wel spreken van een succesje! Snaarstrak en oerend hard, zoals alleen een Mosler dat kan. Maar omdat de plicht riep, pakte ik al na 67 rondjes mijn rooie held van de baan. Oh, oh! Allemaal stof en haren aan de slepers en in de buurt van de achteras. Natuurlijk alles knetter statisch, zodat het niet eens meeviel die viezigheid eraf te peuteren.


De kogel was door de kerk: ik bestelde meteen online een Dirt Devil Spider voor de verjaardag van mijn vrouw en voor mijzelf maar meteen twee. Daarna begon het lange wachten. De volgende dag echter, het klokje had net twee aangetikt, ging de bel. Dat was onze pakjesman!  En ja hoor! Drie dirty devils in disguise! Na tergend lang opladen zette ik de twee mooiste op mijn racebaan met de opdracht ‘volg de plint’. Ach, ach, wat was dat een leuk gezicht! Ik had mezelf niet gelukkiger kunnen maken, denk ik!